Zoek in rubriek

Regelgeving - Algemeen

Een motief voor het bedrijf om aan preventie van arbeidsongevallen en beroepsziekten te doen, is ongetwijfeld het reglementair en juridisch aspect.

Ieder bedrijf is verplicht een aantal schikkingen te treffen om in regel te zijn met de wetgeving.

De reglementaire bepalingen omvatten een aantal verplichtingen t.a.v. de werkgever, de leden van de hiërarchische lijn, de preventieadviseur, de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, de werknemers,…

Het juridisch kader omvat rechtsnormen, zoals Euro-richtlijnen, wetten, koninklijke besluiten KB), ministeriële besluiten (MB), collectieve arbeidsovereenkomsten(CAO),… 

De Europese regelgeving

In verband met veiligheid en gezondheid op het werk, gebruikt de Europese Unie enkel de richtlijn als rechtsinstrument.

Sinds de nieuwe aanpak, binnen het kader van de Europese Unie, zijn er een aantal richtlijnen verschenen.

Het doel van de “economische richtlijnen”, gebaseerd op artikel 95 van het Verdrag van de Europese Unie (vroeger artikel 100A van het Verdrag van Rome), is om de wetgeving in de verschillende lidstaten te uniformiseren. Voor de bouwsector gaat het dan specifiek om het op de markt brengen en het gebruik van toestellen en machines van verschillende aard.

Het doel van de “sociale richtlijnen”, gebaseerd op artikel 137 van het Verdrag van de Europese Unie (vroeger artikel 118A van het Verdrag van Rome), is om de veiligheid en de gezondheid van de werknemers te bevorderen bij de uitvoering van hun werk.

Oorspronkelijk werden de “sociale richtlijnen” omgezet in Belgisch recht op basis van de wet van 10.06.52 betreffende de gezondheid en de veiligheid van de werknemers, alsmede de salubriteit van het werk en van de werkplaatsen.

De wet van 10.06.52 werd vervangen door de wet van 04.08.96 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk.

De belangrijkste sociale richtlijn is de richtlijn van de Raad  van 12.06.89 betreffende de tenuitvoerlegging van maatregelen ter bevordering van de verbetering van de veiligheid en de gezondheid van de werknemers op het werk, beter bekend als de “kaderrichtlijn”.

Er bestaan overigens een aantal specifieke richtlijnen die elk de kaderrichtlijn op een aantal punten aanvullen (bv. de richtlijnen “Arbeidsmiddelen”, “Persoonlijke beschermingsmiddelen”, “Manueel hanteren van lasten”, “Beeldschermen”… en de richtlijn
“Tijdelijke of mobiele bouwplaatsen”).

De Belgische regelgeving

De wet is in enge zin in België een blijvende en algemene rechtsnorm die uitgaat van het Parlement en de Koning. De bekrachtiging door de Koning wordt tegengetekend door de bevoegde Minister.

De kaderwet, bv. de welzijnswet, legt een reeks algemene voorschriften vast voor een bepaalde aangelegenheid.

De Koninklijke besluiten zijn veelal rechtsnormen, uitgevaardigd door de Koning, ter uitvoering van de wet in de enge zin. Het KB regelt dus meer in detail de materie van de wet.

De Ministeriële besluiten zijn vaak rechtsnormen die de ministers uitvaardigingen om ondergeschikte materies van een wet in de enge zin of van een KB uit te voeren.

De CAO daarentegen is een overeenkomst die gesloten wordt tussen één of meer representatieve werknemersorganisaties en één of meer representatieve werkgeversorganisaties of één of meer werkgevers.

In een CAO worden individuele en collectieve betrekkingen tussen werkgevers en werknemers in bedrijven of in een sector vastgesteld en de rechten en plichten van de verschillende partijen geregeld.

Een CAO moet de dwingende bepalingen van de wet in de ruime zin respecteren.

De wet van 04.08.96 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk

De welzijnswet werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 18.09.06.

Deze wet werd ingevoerd om verschillende redenen:

  • Een bredere wettelijke basis creëren voor de bestaande regelgeving in het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming (ARAB) en in de Codex over het welzijn op het werk, door een opsomming te geven van de domeinen waarin er regels opgesteld kunnen worden en door de principes die betrekking hebben op de diensten voor preventie en bescherming op het werk en de algemene verplichtingen van de werkgevers  en werknemers, inclusief de preventieprincipes, in de wet op te nemen;
  • Beklemtonen dat de idee van veiligheid en gezondheid werd uitgebreid naar de kwaliteit van de arbeidsomstandigheden;
  • De bestaande wetgeving beter doen aansluiten bij de eisen van de kaderrichtlijn door het toepassingsgebied te verbreken en door de participatie van de werknemers uit te breiden naar het welzijnsbeleid;
  • Een minimumeis opstellen in verband met veiligheid en gezondheid wanneer er meerdere ondernemingen actief zijn op één en dezelfde arbeidsplaats waar er werknemers aan het werk zijn, zelfs al bestaat er geen contractuele relatie tussen die ondernemingen;
  • Een juridisch kader vastleggen voor werken in onderaanneming of met derden;
  • Een wettelijk kader creëren om de richtlijn “Tijdelijke of mobiele bouwplaatsen” om te zetten in Belgisch recht en voor alle betrokken personen de verantwoordelijkheden vast te leggen die uit deze activiteiten voortvloeien;
  • De terminologie moderniseren;

Het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming (ARAB) en de Codex over het welzijn op het werk


Het ARAB vormt een geheel van technische en organisatorische maatregelen met als doel arbeidsongevallen en beroepsziekten te voorkomen.

Onder invloed van Europese richtlijnen i.v.m. veiligheid en gezondheid werd België ertoe gebracht zijn nationale wetgeving aan te passen.

De belangrijkste wijzigingen gebeurden na de invoering van Europese richtlijnen.

Daardoor moest de bestaande regelgeving, die in de loop van de jaren een erg uitgebreid geheel was geworden met een complexe en weinig transparante structuur, aangepast en gewijzigd worden.

Tegelijkertijd werd de naam van de regelgeving gewijzigd; nu heeft men het over de “Codex over het welzijn op het werk”, die het ARAB geleidelijk moet vervangen.

Aangezien de bestaande regelgeving van het ARAB echter nog niet helemaal is overgenomen in de Codex, zijn beide regelgevingen momenteel nog van kracht.

Het Algemeen Reglement op de Electrische Installaties (AREI)

De bepalingen inzake electrische installaties zijn bijeengebracht in twee regelgevingen, namelijk het ARAB en het AREI.

De collectieve arbeidsovereenkomsten

Binnen het Paritair Comité voor het Bouwbedrijf werden enkele collectieve arbeidsovereenkomsten afgesloten inzake veiligheid en gezondheid, zoals de overeenkomst in verband met de werkmelding bij de opening van de bouwplaats, i.v.m. sociale sociale voorzieningen, i.v.m. de oprichting van het NAVB…

De normen

De normen worden beschouwd als regels van goed vakmanschap. Een norm kan echter een verplichting worden wanneer hij uitdrukkelijk opgenomen wordt in officiële teksten.